B

Bergwandeling bij Samoëns: bos, alpenweiden, rotsen en uitzicht

De omgeving van Samoëns is niet alleen in de winter een mooie bestemming. In de zomer kun je in het authentieke dal waarin het bergdorp ligt ondermeer terecht voor wandelingen in indrukwekkende natuur. Dat maakte ik zelf mee toen ik door een berggids werd meegenomen op een inspannende wandeling aan de noordkant van Samoëns, richting de refuge de Bostan en de refuge de la Golèse. Door een groen bos, over alpenweides met mooie vergezichten en langs torenhoge rotswanden.

Na een uitgebreid ontbijt in Hotel Neige et Roc staat de gids me al op te wachten. We moeten vroeg op pad, want ook vanmiddag staat er nog van alles op het programma. Een dag eerder had ik bij het bureau van de gidsen in Samoëns al deze route uitgekozen. Een leuke klim van rond de 800 meter stijgen, door divers terrein, waar ongeveer vier uur voor staat. Een wandeling die je goed in een halve dag kunt doen dus, maar al snel blijkt dat je met wat meer pauzes en wat extra ommetjes hier prima een daguitje van kunt maken.

Les Allamands

Met de auto vanuit Samoëns passeren we eerst het kleine gehucht Les Allamands. De gids vertelt me dat die naam waarschijnlijk gegeven is omdat hier op een gegeven moment Duitstalige immigranten van over de bergen in het noordoosten neergestreken zijn. Een afgelegen dorpje, waar ze tot nog niet zo heel lang geleden een teruggetrokken bestaan op hadden gebouwd. Even verderop, bij de parking des Allamands, begint de wandelroute. Er zijn twee mogelijkheden, ofwel over het onverharde bosweggetje, ofwel over een wandelpad. De keuze is snel gemaakt, want bergpaadjes zijn uiteraard veel leuker dan een stoffige bergweg. Na ruim een half uur klimmen over een vrij steil pad, dwars door het donkere bos, wordt de begroeiing allengs dunner en belanden we al snel op een bergweide.

Het begin van de wandeling voert door het bos.
Na het bos beginnen de vergezichten.
Een oude drinkbak.

Zwitserland is dichtbij

Hier ontvouwt zich een panorama over Samoëns en de achterliggende bergen met de skihellingen van het Grand Massif. Maar tijdens het wandelen is er ook dichterbij veel te zien. Naast veel bloemen en planten, die precies in deze tijd in bloei staan, ook onder meer een oud vervallen waterbassin. De gids legt uit hoe je aan de begroeiing kunt zien waar vroeger de kuddes stonden. Op die plekken schieten de planten omhoog, waar elders vooral gras aanwezig is.

Na een klein stuk over het onverharde weggetje richting de hut, slaan we opnieuw af op een kleiner paadje. We laten de refuge de Bostan nog even links liggen om nog iets hoger het dal in te lopen. Gek om te bedenken dat je met nog ruim een uur doorlopen in deze richting ineens in Zwitserland staat. Aan de overkant van de bergpas aan het eind van dit dal ligt namelijk de grens al. Daar vind je ook de bergketen Les Dents Blanches, die bekend is vanwege een meerdaagse huttenroute. Die komt direct op het verlanglijstje te staan…

Een oud zomerverblijf voor de boeren die met hun kuddes naar boven gingen.

De refuge de Borgans laten we nog even links liggen.

Verderop, boven, is de grens met Zwitserland.

Helaas moeten we voor nu toch weer terug, en na een blik op het Lac des Verdets, een droog gevallen bergmeertje, slaan we links af en komen we uiteindelijk achterlangs de berghut uit. We zetten vervolgens koers richting de verderop gelegen refuge de la Golèse. Dit is ook een erg leuk deel van de wandelroute, want we krijgen vervolgens zicht op de andere kant van de bergketen. We kijken het dal in van Morzine, en aan de rechterkant is nog altijd de grens met Zwitserland te zien. Vroeger was dit een veelgebruikte smokkelroute, zo vertelt de gids me.

Mont Blanc

De andere kant op hebben we uitzicht op de Pointe d’Angolon en de Col de Joux Plane, in de winter een bekend langlaufgebied. De Pointe d’Angolon is een plekje dat eigenlijk ook nog wel op mijn lijstje stond, omdat je van daar een mooi uitzicht schijnt te hebben op de Mont Blanc. Maar daarvoor zal ik dan nog eens terug moeten.

Links loopt het dal richting Morzine.

Het is inmiddels al tegen het middaguur, dus we moeten doorlopen om een beetje op tijd weer beneden te zijn. Hier op deze groene berghellingen had ik gerust nog wat langer willen doorbrengen, genietend van het uitzicht op de prachtige omgeving, het gerinkel van de koeienbellen en de rustgevende atmosfeer. Samoëns is een plek die ik voorheen eigenlijk nog niet zo goed kende, maar direct met stip op de lijst met favoriete Alpenbestemmingen is beland. Waarom? De foto’s zeggen genoeg denk ik, en ga het vooral ook zelf een keer ervaren!

Deze content is niet beschikbaar vanwege je cookie-instellingen.

Dit gebeurt omdat de content van “Google Maps” cookies gebruikt die je momenteel hebt uitgeschakeld. Om deze content te gebruiken kun je cookies inschakelen: Klik hier om je cookie-instellingen aan te passen..

CategorieënFranse Alpen Natuur
Martijn
Martijn

Bonjour! Ik ben Martijn, blogger en oprichter van Frankrijk Puur. Van jongs af aan kom ik graag in Frankrijk. Door mijn studie Franse Taal & Cultuur ben ik nog meer van het land en de Franse gewoontes gaan houden.

Vragen, opmerkingen, tips? Neem contact op via martijn@frankrijkpuur.nl!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *